Het Ijburg College heeft een klachtenregeling. Daarin wordt de route beschreven die iemand – leerling of ouder/verzorger – met een klacht in onze leergemeenschap doorloopt.

 

Leerlingen en ouders/verzorgers kunnen met hun klacht in de eerste plaats bij de mentor/coach terecht en, in tweede instantie, bij de deelschoolleider. De deelschoolleider meldt de klacht bij de algemeen directeur.

 

Als de deelschoolleider de klacht in de ogen van de klager niet of onvoldoende afhandelt, kan de klager een schriftelijke klacht indienen bij de algemeen directeur. Die zal de klager horen en een uitspraak doen. Als vervolgens ook de algemeen directeur in de ogen van de klager de klacht niet naar tevredenheid heeft afgehandeld, staat de weg open naar de externe klachtencommissie waarbij de school is aangesloten. Die komt echter pas in beeld nadat de klager aan de algemeen directeur kenbaar heeft gemaakt dat de klacht niet naar tevredenheid is afgehandeld.


Het Ijburg College is als algemeen bijzondere school aangesloten bij de Landelijke Klachtencommissie voor het Algemeen Bijzonder Onderwijs.

 

Het adres van de commissie is:

Postbus 82324
2508 EH Den Haag
Ambtelijk secretariaat: mevrouw mr. D.H.C. Dane-Peeters

Telefoon: 070-3861697
E-mail: info@gcbo.nl

 

Leerlingen, ouders/verzorgers van minderjarige leerlingen en personeelsleden kunnen klachten indienen over handelingen, besluiten en gedragingen van de directie, leerkrachten, het schoolbestuur, leerlingen of ouders. Het klachtrecht is geregeld in artikel 14 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 24b van de Wet op het voortgezet onderwijs en artikel 23 van de Wet op de expertisecentra.

 

De commissie geeft geen bindend oordeel, maar formuleert een advies aan het schoolbestuur.

 

 

Klachten over ongewenste omgangsvormen

Als er klachten zijn over ongewenste omgangsvormen binnen de school, dan kunnen collega’s, ouders en leerlingen hun klacht neerleggen bij de interne vertrouwenspersoon van de locatie in kwestie. Op onze site (bij 'veiligheid') is terug te vinden, wat de rol van deze interne vertrouwenspersonen is. Ongewenste omgangsvormen zijn: discriminatie, pesten, agressie, geweld en seksuele intimidatie.

 

De interne vertrouwenspersoon brengt de klager in contact met de externe vertrouwenspersoon met wie we samenwerken. Deze externe vertrouwenspersoon bespreekt samen met de klager het ongewenste gedrag. Er wordt ook gesproken over wat de klager wil met de klacht en over eventuele oplossingen om dit gedrag bij de ander te stoppen. Bij sommige klachten schrijft de wet ons voor te handelen.